Gepost op

April 2013 (526)

Cover 526 april 2013Ter gelegenheid van de inhuldiging van koning Willem-Alexander en koningin Máxima is Terugblik ’40-’45 ditmaal gehuld in een toepasselijke oranje omslag met een portretje van de jonge Beatrix, dat in Nederland tijdens de oorlog clandestien is verspreid. Het nummer bevat twee pagina’s met oranjeparafernalia waarmee Nederlanders tijdens de oorlog hun liefde voor het koningshuis openlijk of meer heimelijk hebben getoond.

Ruurd Kok analyseert een foto uit mei 1945 met wegtrekkende Duitse militairen. Na zorgvuldig bestuderen van kaarten en luchtfoto’s blijken de mannen te lopen in een gebied, waar nu Amsterdam Zuidoost is gebouwd.

Willem Oldenburg beschrijft enkele Duitse koopvaarders  die door de Nederlandse regering in Nederlands Indïe tot prijsschepen zijn verklaard en aan de Rotterdamsche Lloyd in beheer werden gegeven.

Verder bevat dit nummer nog enkele recensies en het financieel overzicht van de vereniging Documentatiegroep ’40-’45 over 2012.

Gepost op

December 2012 (522)

In de herfst van 1944 werd in de buurt van Zierikzee een hospitaalschip van het Nederlandse Rode Kruis, geheel met burgers bemand, door RAF-jachtbommewerpers aangevallen. Het schip zonk, twee opvarenden verloren het leven. Na 65 jaar werd het wrak geïdentificeerd als de Generaal Ten Hove, een als polikliniek ingericht sleepschip van 50 x 6,60 meter.

Ad de Bruin beschrijft in deze aflevering de geschiedenis van dit schip in die periode, waarin Walcheren alleen over water bereikbaar was. Het artikel is voorzien van fraaie tekeningen van Henk van Willigenburg en een kaartje van Jac. Baart. Bovendien is er de vermoedelijk laatste foto van de opvarenden bij afgedrukt. Deze foto is gemaakt kort voor de beschieting.

Rudi Dolfin beschrijft aan de hand van postkaarten een artikel over de manier waarop propaganda kon worden gemaakt. Deze maal gaat het over de ontikkelingen in Tsjecho-Slowakije in 1938. Het land hield op te bestaan, een deel werd bij Duitsland gevoegd.

René Taselaar beschrijft de huidige stand van zaken rond de Gedenkstätte Sandbostel, een berucht krijgsgevangenenkamp én concentratiekamp.

Alphons Siebelt vraagt aandacht voor de raadsels rond valse ontslagbewijzen van het Polizeiliches Durchgangslager Amersfoort. In een particuliere verzameling zitten verschillende van deze bewijzen. Wie weet iets over het gebruik en de vervaardigers.

Verder in dit nummer een overpeinzing over ‘de soap van Geffen’ rond de onthulling van een oorlogsmonument in dat dorp, wat nogal wat stof heeft doen opwaaien.  “Met de nadruk op ‘verzoening’ wordt groot onrecht aangedaan aan de echte slachtoffers van de oorlog”.

Het nummer wordt gecompleteerd door de rubriek Onlangs Verschenen.

Gepost op

November 2012 (521)

Op de cover deze keer drie Britse RAF-officieren, waaronder Air Vice-Marshal Chaplain Pentland. Ze poseren bij het zojuist onthulde monument voor het No. II (Army Co-operation) Squadron, dat 100 jaar bestaat. Verschillende vliegers van dit squadron zijn in de oorlog tijdens gevechten boven Nederlands grondgebied omgekomen en liggen in Nederland begraven. Het monument werd op 5 september onthuld op het terrein van het National Arboretum bij Alrewas, ten zuiden van Derby en is gewijd aan allen, die in 100 jaar zijn omgekomen. Momenteel dient het squadron in Afghanistan. Daar werd deze aflevering van Terugblik ’40’45 met enthousiasme ontvangen.

Na de capitulatie in mei 1940 nam de Kriegsmarine alle voorhanden zijnde Nederlandse marineschepen in gebruik. De scheen die bij de werven in aanbouw waren werden verder afgebouwd. Minder bekend is, dat er in 1939-1940 samenwerking was tussen de Koninklijke Marine en de Kriegsmarine. In Nederland was onvoldoende expertise op het gebied van geschut en bepantsering. Daarom werd voor drie in aanbouw zijnde slagkruisers een beroep gedaan op onze oosterburen.

Henk van Willigenburg, Slagkruisers voor Nederlands-Indië. De samenwerking tussen Kriegsmarine en Koninklijke Marine. Met fraaie illustraties van de hand van de auteur.

Ruurd Kok schrijft in een bijdrage over de opgraving van een geschutsstelling bij Moordrecht. Flak of Pak? Ofwel: luchtafweer of pantserafweer?

Diete Oudesluijs bericht over het voornemen om van de ‘Doodencel’ in het Scheveningse Oranjehotel een monument te maken. Inmiddels is een plan gepresenteerd om de cel gemakkelijker toegankelijk te maken voor het grote publiek. Tot voor kort kon niemand de cel bezoeken, omdat het gebouw nog in gebruik was als penitentiaire instelling.  De Stichting Oranjehotel werft actief fondsen om het te kunnen bekostigen.

Gepost op

september 2012 (519)

De oorlog zou door de Geallieerden zijn verloren wanneer de Duitsers er in zouden zijn geslaagd de scheepvaartroutes te blokkeren. De Duitse U-Boote brachten in de eerste oorlogsjaren zeer veel schepen tot zinken. Door in konvooi te varen onder begeleiding van marineschepen hoopte men de verliezen te beperken. In dit nummer van Terugblik ’40-’45 publiceert W. Oldenburg delen uit het dagboek van Cor van Atte, stuurman van de Keilehaven, een schip van de NV Reederij Gebr. Van Uden. De Keilehaven voer soms alleen, soms in konvooi. Van Atte hield bij hoeveel schepen er meevoeren in een konvooi en wat de verliezen waren. De Duitse U-Boote gebruikten lang niet altijd torpedo’s, zoals men geneigd is te denken. De koopvaardijschepen werden met het boordkanon tot zinken gebracht.  Ook stormen zorgden voor verliezen. Na vijf en een half jaar op zee te zijn geweest, kwam Cor van Atte in juli 1945 weer thuis.

 

R.E. Taselaar vraagt aandacht voor de moeizame opvang van Duitse krijgsgevangenen na het einde van de oorlog in Rheinwiesenlager. Rudi Dolfin wijst op een filmpje, dat op YouTube is te zien, waar Nederlandse militairen in 1940 worden aangezien voor Noren.

Verder bevat dit nummer korte nieuwsberichten en recensies.

Gepost op

juni 2011 (506)

Door de bezetting konden veel zeelieden niet naar huis terugkeren. De gezinnen wisten meestal niet of vader of broer nog in leven was. Soms probeerden scheepvaartmaatschappijen de gezinnen van hun werknemers een plezier te doen door hen een vakantie aan te bieden. A. Kemp beschrijft zijn herinneringen aan zo’n vakantie voor gezinnen van de Stoomvaart Maatschappij Nederland. Zijn vader voer op de Poelau Laut. Ze gingen een week naar ‘Schaep en Burgh’ in ’t Gooi, dat in 2002 is afgebrand. Vanuit het theehuis zijn nog uitzendingen voor het TV-programma ‘Het Capitool’ gemaakt. Vier maanden na de Bevrijding overleed moeder; vader keerde pas in 1946 terug uit Japanse krijgsgevangenschap. Tijdens de oorlog werd het gezin onderhouden door de Zeemanspot van kapitein Abraham Filippo, gezagvoerder van de in mei 1940 verloren gegane SS Statendam.

Jac. J. Baart beschrijft de werkzaamheden van Fokker aan de Papaverweg in Amsterdam. Het bedrijf werd op 25 en 28 juli 1943 gebombardeerd. Daarna werden de activiteiten verspreid over diverse locaties in Amsterdam en verder in de regio. Een interessant artikel over de productie van vliegtuigen en vliegtuigonderdelen met veel details en fraaie graphics.

Gepost op

februari 2011 (502)

Regelmatig schrijft W. Oldenburg over het wel en wee van Nederlandse schepen in oorlogstijd. Ditmaal gaat zijn bijdrage over Scheveningse vissersschepen in Duitse dienst. Een Scheveningse rederij was in 1933 een samenwerkingsverband aangegaan met een Poolse collega. Samen vormden zij rederij MEWA. Succesvol was dit samenwerkingsverband niet. In de oorlog werden de schepen gevorderd en voeren onder een nieuwe nummering in Duitse dienst.

Verder in deze aflevering het tweede deel van een artikel over Operatie Amherst in Drenthe. Lt.kol. b.d. Jaap Jansen beschrijft het verloop en de afloop van deze laatste luchtlandingsoperatie van de oorlog.