Gepost op

Speurtocht naar Joods verleden

Als lerares werkte Alie van den Berg 25 jaar in een lokaal van de toenmalige huishoudschool. Het was de vroegere kerkzaal van de Joodse synagoge die tot de Tweede Wereldoorlog op die plek aan de Kerkstraat gevestigd was. Zo werd haar belangstelling voor het Joodse verleden van Oud-Beijerland gewekt en in 1982 resulteerde dat in een eerste boek. Maandag verschijnt het vervolg, ”Het Joodse verleden van Oud-Beijerland”.

Van den Berg kreeg bij het speurwerk hulp van haar vader. „In 2001 kwam ik in contact met Gerd Friedt uit München, die bezig was met onderzoek van een besnijdenisregister van Salomon Frank, die in Oud-Beijerland gewerkt had. En in 2006 is de Joodse begraafplaats opgeknapt. Daarna heb ik veel genealogisch onderzoek naar de familienamen gedaan. Dat leverde zo veel nieuwe informatie en aanvullingen op dat ik de tijd rijp vond voor een nieuw boek.”

Ze wist het volledige besnijdenisregister met 100 namen samen te stellen en ook alle 67 grafzerken werden nauwgezet gedocumenteerd. „Ik heb veel te danken aan plaatsgenoot Jan Sanberg. Hij vertaalde alle Hebreeuwse teksten en herrekende de jaartallen, want de Joden hanteren een eigen jaartelling. Er kwamen aardige dingen aan het licht, zoals een koopakte van de begraafplaats uit 1806, waarin gemeld wordt dat „men een tuintje” kocht.”

De Joodse gemeenschap in Oud-Beijerland telde rond 1860 zo’n 160 mensen. „Veelal kooplieden, bankiers, slagers en marskramers. Het waren heel gewone mensen, die volop meededen in de samenleving. Dat kun je opmaken uit advertenties. Als ze zoveel jaar getrouwd waren, vlagde in de 19e eeuw de hele straat mee. Wel heb ik het gevoel dat er binnen de Joodse gemeenschap twee groepen waren, de welgestelde kooplui en de minderbedeelden.”

Na de Tweede Wereldoorlog keerden slechts acht Joden terug naar het dorp. Van den Berg: „Het blijft onduidelijk waarom er zo weinig Joden onderdoken. Jaren later weigerden mensen nog hierover te praten. Ik denk dat velen in die tijd amper beseften wat er gebeurde. De Joodse slager Abraham Rood riep bijvoorbeeld toen hij met anderen weggevoerd werd dat ze zo weer terug zouden komen.”

Van den Berg ziet het boek als een afronding. „Alhoewel, speuren houdt nooit op. Je ontdekt steeds weer nieuwe gegevens. Die wissel ik regelmatig via de computer uit met anderen.”

Burgemeester K. Tigelaar neemt maandag het eerste exemplaar van het boek in ontvangst. Bijzonder is de aanwezigheid van een familielid van een van de vermoorde Joodse gezinnen uit Oud-Beijerland van ver in de tachtig jaar.

Het ruim 300 bladzijden tellende boek, een uitgave van de Historische Vereniging Oud-Beijerland, kost 20 euro en is te koop bij museum Het Oude Raadhuis en sigarenmagazijn Van Rossum aan de Oostdijk 35. In het museum is tot 12 juli de expositie ”Er woonden Joden in Oud-Beijerland” te zien. Een bijzonder object op de tentoonstelling is een kidoesjbeker uit 1889, geschonken aan Hartog Koopman voor zijn tachtigste verjaardag. In de Tweede Wereldoorlog werd de beker door de Duitsers geroofd, maar hij kwam na omzwervingen weer terug in de familie. Die geeft de beker tijdelijk in bruikleen. Het museum is gratis te bezoeken.
bron: www.reformatorischdagblad.nl