Gepost op

Slag om Arnhem opnieuw beleefd

Hartenstein is hard aan een renovatie toe. Daarbij wordt het gebouw zo veel mogelijk in oude staat teruggebracht en beter toegankelijk gemaakt voor mindervaliden. In de hoge kamers worden exposities ingericht rond thema’s als de voorbereiding van de luchtlandingsoperatie, pers en propaganda, de gevechten in en rond de Gelderse hoofdstad en de logistiek.

„Daarmee stappen we af van de huidige opzet, die de gebeurtenissen van dag tot dag laat zien en daardoor nogal wat herhaling bevat”, zegt penningmeester P. H. Tirion. „Voor sommige vrijwilligers is het best een omschakeling. We voegen ook nieuwe invalshoeken toe: niet meer alleen de militaire kant van de zaak, maar ook hoe de burgers die dagen beleefden. Zij hebben hun aandeel geleverd aan de verdediging en de gewondenverzorging. Ook de gebeurtenissen aan Duitse zijde zullen meer aandacht krijgen.”

De oude ingang aan de zuidkant wordt vervangen door een nieuw entreegebouw aan de westzijde. Daar bevindt zich een lift die bezoekers zowel naar de bovenverdieping als naar een nieuwe ondergrondse ruimte voert. De uitbreiding biedt een oplossing voor het ruimteprobleem. „Onze collectie breidt zich nog regelmatig uit door schenkingen die we ontvangen.”

Beleving
In de 800 vierkante meter grote kelder aan de zuidzijde van de villa beleven bezoekers via voorwerpen, filmbeelden en geluidseffecten de luchtlanding, de opmars naar Arnhem, de strijd rond de brug, de verdediging van Oosterbeek en de terugtocht over de Rijn. „In plaats van er van achter het glas naar te kijken, lopen bezoekers er nu doorheen. Vooral jongeren spreekt dat meer aan.”

De klus begint dit najaar -het museum gaat een aantal maanden dicht- en moet bij de grote herdenking in september 2009 geklaard zijn. De bijna 6 miljoen euro die ervoor nodig is, is door overheden en sponsors bijeengebracht.

Het is niet de enige klus die Tirion als bestuurscoördinator innovatie onder handen heeft. De voorlichting aan schoolkinderen -ook uit Duitsland- wordt uitgebreid en de samenwerking met andere oorlogsmusea meer gestroomlijnd. Naast de Arnhemse John Frostbrug is een gratis toegankelijk informatiecentrum geopend. Er werden 5000 bezoekers per jaar verwacht, maar dat aantal is inmiddels verdubbeld.

In september wordt de Liberationroute geopend: tussen Normandië en Arnhem zijn tientallen luisterkeien aangebracht: een steen met een foto van een gebeurtenis op die plaats en daarbij een telefoon waarmee een informatielijn gebeld kan worden.

Het bezoekersaantal van het Airborne Museum heeft zich, na een periode van achteruitgang, de laatste jaren gestabiliseerd: zo’n 55.000 per jaar. Een kwart komt uit het buitenland, onder wie veteranen en hun familieleden. „De vroegere strijders vallen steeds meer weg, maar hun families blijven trouw komen. De oorlog heeft bij de militairen een onuitwisbaar stempel op de rest van hun leven gezet. Sommigen hebben vastgelegd dat ze in Oosterbeek begraven willen worden, bij hun makkers.”

Na de renovatie verwacht het museum een stijging van het bezoekersaantal. „Daarbij hebben we het voorbeeld van het Belgische Ieper voor ogen: daar is het bezoekersaantal van het museum over de Eerste Wereldoorlog na een grootscheepse opknapbeurt met sprongen gestegen.”
bron: www.reformatorischdagblad.nl