Gepost op

‘Oorlogshelden moeten niet vergeten worden’

Bij binnenkomst bij Martien van der Loop op zijn kamer in huize Katwijk, staat Studio Sport op. "Meneer van de Loop is een groot voetballiefhebber", vertelt Kees Veltman junior. "Vooral TOP Oss." De televisie wordt snel afgezet, zodat Van der Loop zijn verhaal kan vertellen. "Ik bracht tijdens de Tweede Wereldoorlog op de fiets iedere week de Sirene in Oss rond", begint Van der Loop. "Aan het eind van de oorlog waren het bijna vijftienhonderd exemplaren die ik stiekem moest bezorgen. Als de Duitsers doorkregen wat ik deed, was ik nat. Voorzichtigheid was dus geboden. Het was een gevaarlijke tijd." In een Drunens caf? haalde de Ossenaar iedere week de stapel kranten op. Als mijn fietsband versleten was, kreeg ik van fietsenmaker Maas uit Heesch een nieuwe band. Zo kon ik mijn krantjes op de fiets blijven rondbrengen."

Radio Oranje
De Sirene werd vanaf 1943 iedere week gepubliceerd door Kees Veltman senior en zijn latere echtgenote Nel en door Hein Clerkx. De bedoeling was om de mensen in oorlogstijd te voorzien van het nieuws, ongecensureerd door de Duitse bezetter. Via Radio Oranje en BBC kregen Veltman en Clerkx het nieuws te horen. "De Duitsers controleerden zeer streng op het bezit van radio’s. Alleen Duitse zenders mochten uitzenden. De burgers moesten hun radio inleveren. Gelukkig hadden mijn vader en Clerkx een radio in een schuilplek staan. De Duitsers hebben dat nooit ontdekt", vertelt Veltman junior, in het dagelijks leven financieel adviseur.
Gevangenis
Tot de herfst van 1944 ging alles goed, maar vlak voor de bevrijding kwam een kink in de kabel. In de nadagen van de Tweede Wereldoorlog kwam Martien van der Loop in de gevangenis van Den Bosch terecht. "De Duitsers hadden leden van een koor opgepakt omdat die affiches van de NSB van de muren afgescheurd zouden hebben. Samen met een vriend wilde ik de leden vrijpleiten. Maar het omgekeerde gebeurde, ik moest zelf voor zes weken het gevang in. In mijn eentje de hele dag in de cel niets doen, verschrikkelijk was dat", weet Van der Loop zich te herinneren. In die tijd werd de krant rondgebracht door een nieuweling, meneer van Balveren. Vlak na de oorlog verscheen nog een Sirene in Oss. Veltman: "Van Balveren was met een bovengrondse versie gekomen. Hij had twee maanden voor het einde van de oorlog even meegewerkt aan de ‘originele’ Sirene. Eigenlijk is die meneer gaan strijken met de eer van mijn vader, Clerkx en Van der Loop. Mijn vader was tijdens de rest van zijn leven verbolgen over het feit dat ‘zijn’ krant nu van een derde was." Kees Veltman senior veron–gelukte in 1965. Hein -Clerkx overleed drie jaar geleden. Twee jaar is Veltman junior nu bezig met een zoektocht door het verleden. "Mijn moeder leeft nog, maar heeft de oorlogsjaren een beetje verdrongen. Ik zie het als taak om de geschiedenis rondom de Sirene juist op te schrijven. Nu leven sommige mensen die erbij waren nog, zoals meneer Van der Loop. Eigenlijk wil ik de mensen duidelijk maken dat plaatse–lijke oorlogshelden als Martien niet vergeten moeten worden", aldus de Heusdenaar. "Ik deed gewoon wat -ik moest doen. ‘Held’ is -wel een heel groot woord", meent een bescheiden Van der Loop. "Ik zou graag contact willen krijgen met mensen die -nog exemplaren van de Sirene uit de oorlogsjaren ergens hebben liggen. Dat zou me erg helpen met mijn ver–haal. Ze mogen bellen naar 0416-661966", vertelt Veltman junior.