Gepost op

Het project ‘Vermoorde Onschuld’

“Vooral de kinderen zijn eigenlijk bijna allemaal anoniem gebleven, uitzonderingen als Anne Frank daargelaten. Ik wil de kinderen uit die anonimiteit halen door hun verhaal te noteren en hen weer een gezicht geven door er een foto bij te plaatsen. Het is mijn bedoeling dat van elk kind het – vaak korte – levensverhaal wordt opgeschreven.
Ik ben met het project begonnen omdat ik het erg belangrijk vind dat de geschiedenis bewaard blijft. ‘Schrijven, schrijven, nooit vergeten,’ heeft een overlevende eens gezegd, en daar kan ik me helemaal in vinden.
Op dit moment heb ik van ruim 100 kinderen hun complete verhaal geschreven, waarvan het merendeel met foto, en naar aanleiding van de media-aandacht rondom mijn project begin augustus van dit jaar, heb ik nu ook al een uitgever gevonden, David Mock uit Amsterdam.


Het is de bedoeling dat het eerste boek over anderhalf a twee jaar uitkomt. Dhr. Mock is op dit moment bezig voor mij een fonds op te richten waaruit ik mijn onderzoek kan financieren.De afgelopen anderhalf jaar heb ik alles zelf betaald, maar dat is nu niet meer op te brengen. Als ik straks een wat ruimer financi?ler potje heb voor onderzoek, verwacht ik dat het ook wel wat sneller zal gaan.


In totaal gaat het om ongeveer 22.500 kinderen. Het is de bedoeling dat in elk deel ongeveer 500 tot 1000 kinderen komen te staan.Ik werk alleen – ik vraag wel vaak informatie op bij instanties, maar het is niet zo dat ik dit werk vanuit een bepaalde instantie doe of dat zij achter mij staan. Wel zijn ze overal ontzettend behulpzaam en dat is natuurlijk heel prettig.”


Aline stuurde de verhalen van twee kinderen, om de lezers van joods.nl een idee te geven waar zij mee bezig is. Ze voegde daaraan toe: “Ik maak altijd gebruik van informatie als wie de ouders waren, of er broers en zussen waren, waar het gezin woonde, welke school de kinderen bezochten, wat vader voor beroep had, wanneer ze weggehaald zijn, enz.”


Het verhaal van Marga Kaufman, 1928 – 1943
Margard (Marga) Kaufmann werd geboren op 10 november 1928 in Gronau als tweede en jongste dochter van Richard Kaufmann en Ad?le Zilversmit. Ze had nog een vier jaar oudere zus Henny, die licht gehandicapt was doordat zij als baby hersenvliesontsteking had gehad.
Haar ouders dreven samen de levensmiddelenzaak die Marga’s moeder overgenomen had na de dood van haar moeder. Midden jaren dertig verliet het gezin Duitsland en vestigde zich in Lutterade, een dorpje behorend bij de Limburgse gemeente Geleen. Hier bouwden ze aan de Rijksweg opnieuw een succesvolle levensmiddelenzaak op.
Midden 1941 werd Marga’s vader opgepakt en naar een Nederlands werkkamp gestuurd. Marga’s moeder bleef achter met haar twee dochters, totdat ze in april 1943 met Marga op transport gesteld werd naar Westerbork. Henny, die op dat moment in een ziekenhuis in Sittard verbleef, werd door de nazi’s vergeten.
Marga en haar moeder hadden het aanbod gekregen ergens onder te duiken, maar durfden dit niet aan uit angst dat hun man en vader als strafgeval naar het Oosten zou worden gedeporteerd.In Westerbork zag Marga haar vader weer terug. Met haar beide ouders ging ze op 1 september 1943 op transport naar Auschwitz. Alledrie kwamen ze direct na aankomst in de gaskamers om het leven.Marga’s zus Henny overleefde als enige van het gezin de oorlog, doordat het ziekenhuis haar tot de bevrijding van Limburg in september 1944 vast wist te houden.
Marga Kaufmann werd 14 jaar.


Het verhaal van Dodo Zellermeyer, 1930 – 1945
Debora Eva (Dodo) Zellermeyer werd geboren op 15 januari 1930 in het Duitse Eupen als eerste dochter van Uscher Schaje Zellermeyer en Debora Aschil. Ze had nog een twee jaar oudere halfbroer, Harry, uit een eerder huwelijk van haar vader.
Al snel na de geboorte van Dodo emigreerde het gezin naar Belgi?, waar ze bleven woonden tot Dodo’s moeder in 1933 aan een infectieziekte overleed. Datzelfde jaar verhuisde vader met zijn twee kinderen naar Nederland, waar hij in Nijmegen ging wonen. In november 1934 trouwde Dodo’s vader opnieuw, met een niet-joodse vrouw. Voor hun huwelijk was er al een dochter geboren, Claire. Dodo’s vader was altijd koopman in leer geweest en dit beroep oefende hij ook in Nederland nog een tijdje uit, totdat hij in 1939 met zijn derde vrouw een hotelbedrijf begon in Den Haag, waar het gezin twee jaar eerder naar toe verhuisd was. Ze woonden in de Rijnstraat. In datzelfde jaar verhuisde Dodo’s halfbroer Harry naar Engeland. Vader had de dreiging van het nationaal-socialisme al in de gaten en het leek hem veiliger zijn zoon naar overzees gebied te zenden. Toen het Duitse leger in 1940 Nederland binnenviel, schafte Dodo’s vader onmiddellijk voor zichzelf en zijn dochter valse papieren aan. Dodo’s stiefmoeder en haar halfzusje Claire liepen niet direct gevaar, meende hij, en zij zijn inderdaad de rest van de oorlog ongemoeid gelaten. Door deze valse papieren hoefde Dodo niet naar een joodse school en zij bezocht gedurende haar hele schooltijd respectievelijk de Lagere School en de MULO aan de Haagse Paulinastraat. Deze twee scholen zaten in hetzelfde gebouw.In juni 1944 werden vader en Dodo verraden, door een Duitse jood die valse papieren verschafte en de twee aangaf om zijn eigen hachje te redden. Vader, die al twee keer eerder om zijn papieren was opgepakt maar weer vrij was gelaten wegens gebrek aan bewijs, ging naar de gevangenis op het Binnenhof, Dodo werd naar een jeugdgevangenis in Arnhem gestuurd in afwachting van het onderzoek naar haar papieren. In augustus 1944, toen de zaak voor de Duitsers duidelijk was, werd ze doorgezonden naar Westerbork en daar herenigd met haar vader, die daarv??r nog een korte periode in het kamp Amersfoort had doorgebracht.Met het laatste transport, op Dolle Dinsdag, werd Dodo doorgestuurd naar Bergen-Belsen; waarschijnlijk omdat er toch niet honderd procent duidelijkheid was gekomen over haar papieren en de Duitsers haar daarom maar naar het uitwisselingskamp stuurden. Op 4 april 1945 overleed ze daar aan tyfus.
Dodo’s vader was met het laatste transport naar Auschwitz gegaan en in de periode net voor de bevrijding van het kamp op ??n van de dodenmarsen meegestuurd. Hij kwam uiteindelijk in Mauthausen terecht, waar hij in maart 1945 overleed aan een darminfectie.Dodo’s stiefmoeder en haar twee zusjes, waarvan er ??n in 1943 was geboren, overleefden de oorlog. Ook Harry overleefde; hij emigreerde na de oorlog naar Israel en is daar enkele jaren geleden gestorven.
Dodo Zellermeyer werd 15 jaar.


Reacties met informatie voor Aline’s project kunnen gestuurd worden naar redactie@joods.nl, onder vermelding van: Project “Vermoorde Onschuld”

Bron: joods.nl