Gepost op

Fort Altena geeft militaire geheimen prijs

"U dient zich ongevraagd te legitimeren en te laten registreren bij de posten en de commandant." Het bord met deze tekst staat er nog altijd, ook al heeft fort Aan de Uppelsche Dijk, ook wel Fort Altena genoemd, geen militaire functie meer. Defensie wil het complex nabij De Tol in Sleeuwijk afstoten. Tot voor kort was het verboden gebied; uitsluitend te bekijken vanaf de openbare weg. In het kader van ‘De maand van het fort’ is het deze maand op initiatief van de Stichting Militair Erfgoed twee zaterdagen open voor publiek. Die openstelling blijkt een goed idee te zijn. De belangstelling was de eerste keer al erg groot. "Nee, je kwam anders nooit bij het fort. Het had iets geheimzinnigs. Ik heb er altijd wel wat mee gehad," vertelt iemand die in de buurt woont.

Mobilisatie
Het fort maakt onderdeel uit van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het oudste deel, het torengedeelte, dateert uit 1847. Het had vooral als taak de afdekking van Gorinchem tegen artilleriegeschut. Een hardstenen sluitsteen boven de hoofdingang herinnert daar aan. Daar boven staat ook nog de oorspronkelijke naam ‘Altena’ van het fort vermeld. Lang was het het enige fort in het Land van Heusden en Altena. Tussen 1878 en 1880 is het flink uitgebreid en heeft het zijn huidige langgerekte vorm en naam gekregen. In die periode zijn ook de andere forten in de streek gebouwd, zoals in Giessen en Werkendam. Tijdens de mobilisaties van 1870 en die van 1914-1918 waren er manschappen gelegerd; het fort was toen ‘in staat van verdediging’. In 1939-1940 zijn enkele betonnen groepsschuilplaatsen gebouwd, rond 1960 enkele magazijnen. Na de Tweede Wereldoorlog was het fort in gebruik als interneringskamp voor opgepakte NSB’ers.

Gladio
Vooral de magazijnen vormen een dissonant in het verder nog redelijk gave complex, dat trouwens wel aan een restauratiebeurt toe is. Op het complex met enkele prachtige bomen heerst een bijzonder sfeertje. In tegenstelling tot de meeste forten, waar het binnen vaak nat en kil is, ziet het er binnen heel goed uit. Warme vloerbedekking, centrale verwarming en sanitaire voorziening en een keuken. Kortom veel moderne voorzieningen. Anne Visser van de Stichting Militair Erfgoed vertelt dat dit komt omdat Gladio, een zeer geheime militaire dienst, hier onderdak had. Hij wijst op het magazijn voor het fort. "Dit is zo gesitueerd, dat daardoor het fort aan het zicht wordt onttrokken. Hij wijst ook op een aantal vensters, die doen vermoeden dat er openingen achter zitten. Dit blijkt niet meer het geval te zijn. "Het zijn nepdeuren en luiken."

Munitie
Wandelend over het terrein vertelt hij over het fort en zijn ontwikkelingen. Hij vertelt over de gracht. "Die vormde weliswaar een natuurlijke belemmering, maar het graven daarvan was ook noodzakelijk om grond te krijgen voor de bouw van het fort. Hoe breder de gracht hoe meer grond nodig was." De wallen zijn grotendeels geslecht. Nog te zien is waar de schietbaan was. Een verroest restant van de kogelvanger is nog herkenbaar. Anne Visser neemt zijn bezoekers mee naar een manschappenverblijf. Op de deur hangen nog de ‘Voorschriften voor de magazijnbedienden in de munitiemagazijnen’. Ze bevatten geboden waaruit bijvoorbeeld blijkt, dat kisten van 35 kilo of zwaarder met twee man gedragen moeten worden. En verboden die onder meer aangeven, dat het verboden is munitie uit de verpakking te halen of daaraan te knoeien. In de ruimte doet het kil aan. Onder de vloer bevindt zich nog een fraaie waterkelder, waarin het hemelwater werd opgevangen voor de drinkwatervoorziening. Visser: "Niet iedereen had een eigen bed. Op het fort was ruimte voor driehonderd soldaten, terwijl er maar tweehonderd bedden waren. Als er geen plek was, moest men buiten slapen."

Zuinigheid
In weer een andere ruimte heeft iemand op de muur geschreven, dat hij op 19 maart 1946 ‘streng arrest’ heeft gehad. W. Koopmans uit Amsterdam heeft in dezelfde ruimte geschreven dat hij hier was in de mobilisatietijd. Op het complex bevindt zich ook nog een grote houten artillerieloods. Verder valt het op, dat er nog veel van de oorspronkelijke detaillering bewaard is gebleven. Deuren, vensters, een wasruimte met zinkbakken en druipkokers voor het opvangen van hemelwater. Ook fraai getoogde tonggewelven. De dikte van de muren varieert van 1,5 tot 3,5 meter. "Dit heeft met zuinigheid te maken," zegt Visser. Aan de kant vanwaar de vijand werd verwacht, werden de muren het dikst gemaakt. Als verdedigingswerk heeft de Nieuwe Hollandse Waterlinie nooit dienst gedaan. Toch vindt Visser niet dat het weggegooid geld is geweest. "Vergeet niet, dat ??n van de redenen waarom Nederland buiten de Eerste Wereldoorlog gebleven is, de Nieuwe Hollandse Waterlinie is geweest." Het voornemen bestaat om het fort wegens zijn cultuurhistorische waarden als rijksmonument aan te wijzen.