Gepost op

Laatste Poolse soldaat uit WO I overleden

Stanislaw Wycech blies vorige week zaterdag in zijn slaap de laatste adem uit. Hij werd in 1902 in Warschau geboren als zoon van Poolse onafhankelijkheidsactivisten. Toen in 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbrak, was Polen opgedeeld en ingelijfd door drie rijken. Meer dan 2 miljoen Polen vochten tijdens de Eerste Wereldoorlog mee in de legers van Duitsland, Oostenrijk en Rusland. Zeker 450.000 Polen kwamen daarbij om.

Wycech was nog te jong om mee te vechten, maar in 1915 werd hij koerier bij de Poolse legioenen van POW, een ondergrondse beweging die naar onafhankelijkheid en vrijheid voor Polen streefde. In februari 1917 werd Wycech toegelaten tot de ’volwassen’ afdeling van POW, die tot juli van dat jaar zich niet actief verzette tegen de Duitse troepen die het Russische leger hadden verdreven.

„Het was een eer om soldaat te zijn”, zei Wycech twee maanden geleden nog. „We hadden vijanden aan alle kanten. Ik wilde ons vaderland bevrijden”

Op 10 november 1918 vocht Wycech voor het eerst mee. Hij moest Duitse legereenheden ontwapenen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werkte Wycech opnieuw als koerier voor het verzet. In 1944 vocht hij mee tegen nazi-Duitsland. Toen de Sovjet-Unie in 1945 Polen innam, werd Wycech, tegenstander van het communisme, ter dood veroordeeld, maar hij werd door zijn broer bevrijd. Later werkte hij onder meer bij een autosloop en graveerde hij grafstenen.

Er zijn wereldwijd nog enkele tientallen WO I-veteranen in leven.
bron: www.reformatorischdagblad.nl

Gepost op

Januari 2008: Nieuwsbrief Documentatiegroep 40-45

Reacties en suggesties horen wij dan ook graag van u.
Met name de dwangarbeidsite moet nog worden aangepast, terwijl ook de toegang tot de ledenservice niet zomaar kan worden overgezet.

Alle wachtwoorden moeten door ons handmatig worden overgezet.
Om u toch al toegang te kunnen verlenen hebben wij één algemene inlognaam gemaakt: jubileum en één wachtwoord: nieuwestijl
Ondertussen gaan wij hard aan de slag om de wachtwoorden in te voeren, hoewel wij geen backup van wachtwoorden vóór 2006 hebben.
Binnenkort kunt u een mail van ons verwachten, wanneer u weer van uw oude inlognaam en oude wachtwoord gebruik kunt maken.
Leden die al vóór 2006 een wachtwoord kregen, krijgen een nieuw wachtwoord.

In de Terugblik van januari staat onze themadag van 5 april a.s. vermeld, u kunt zich hiervoor aanmelden.
Natuurlijk hopen wij u daar te ontmoeten.

Komt u volgende week 2 februari a.s. ook naar onze ruilbeurs in Voorthuizen?
Naast de militaria- en Documentatiebeurs treft u een mini-expositie van Schiedam in oorlogstijd met unieke verkiezingspamfletten van vóór de oorlog, Schiedamse kranten, waaronder de N.O. (illegale pers) , foto’s en egodocumenten.
Ook daar hopen wij u te ontmoeten.

Uw webteam:

Peter Krans
Andries Petersen
Dirk Docter

Gepost op

Bom in Blerick blijkt raket

De raket die donderdag werd gevonden in een woonwijk in het Venlose Blerick, is rond negen uur in de avond vervoerd naar industrieterrein Trade Port. Daar zal het explosief naar verwachting vrijdag tot ontploffing gebracht worden, zo heeft de politie laten weten.

De raket werd gevonden tijdens graafwerkzaamheden op een bouwterrein aan de Pepijnstraat. De ontsteking van de raket zat er nog in, waardoor er ontploffingsgevaar was.

Het explosief lag op zeven meter diepte. Uit onderzoek van het Explosieven Opruimingscommando (EOC) bleek het te gaan om een raket van Duitse makelij uit de Tweede Wereldoorlog. Volgens een politiewoordvoerder ging het om een „primitief soort raket”.

Na de vondst zijn woningen in een straal van 100 meter ontruimd, ongeveer 150 mensen vonden tijdelijk onderdak in centrum De Staaij. Mensen net buiten het afgezette gebied werden gewaarschuwd weg te blijven bij de ramen.

Aan het begin van de avond stelde de gemeente een publieksnummer open en ging de website www.crisis.nl online. Het publieksnummer bleef tot tien uur in de avond bemand.

Volgens de politie is het explosief veilig naar het industrieterrein vervoerd, maar ze doet geen mededelingen over de route die gevolgd is. De geëvacueerde bewoners mochten iets na negenen terug naar huis.
bron: www.reformatorischdagblad.nl

Gepost op

Poolse kardinaal kritiseert boek antisemitisme

Het boek ”De angst. Antisemitisme in Polen na de oorlog” verscheen vorig jaar in de Verenigde Staten. De Poolse vertaling kwam vrijdag uit. Gross beschrijft anti-Joodse incidenten in Polen na de Tweede Wereldoorlog. De RK-Kerk is volgens hem daaraan medeschuldig.

Volgens Gross stemden vele Polen in met antisemitische acties. Een reden was dat Polen zich eigendommen van omgekomen Joden hadden toegeëigend en vreesden dat zij die bezittingen alsnog moesten afstaan. Bij de grootste naoorlogse pogrom, in juli 1946 in de stad Kielce, werden veertig Joden vermoord. Ongeveer tachtig raakten er gewond.

Volgens het Poolse wetboek van strafrecht kan iemand die schuldig wordt bevonden aan belastering van de Poolse natie en staat tot maximaal drie jaar gevangenisstraf worden veroordeeld. Het constitutioneel hof in Warschau onderzoekt of de huidige wet strijdig met de grondwet is.
bron: www.reformatorischdagblad.nl

Gepost op

Familie slachtoffers nazi–razzia krijgt bezit terug

Zij namen de bezittingen, waaronder foto’s, sierraden en horloges, in ontvangst in het kantoor van de opsporingsdienst van het Rode Kruis in Duitsland.

Het zou een van de eerste keren zijn dat nabestaanden zelf goederen ophaalden in het complex in Bad Arolsen (Hessen). In het archief, het grootste van nazislachtoffers ter wereld, liggen meer dan 50 miljoen stukken van slachtoffers van het regime van Adolf Hitler. Het is uiterst zelden dat die bij nabestaanden terechtkomen.
bron: www.reformatorischdagblad.nl

Gepost op

Eerherstel voor Van der Lubbe

De ondoorgrondelijkheid van Marinus van de Lubbe wordt versterkt door de foto’s die er van hem zijn. De meeste zijn genomen na zijn arrestatie, en tijdens het showproces dat de Nederlander in 1933 kreeg, na zijn wereldberoemde brandstichting. Zijn hoofd is altijd gebogen. Zo consequent was hij in het zwijgende buigen, dat toen hij tijdens het proces in november 1933 een keer opkeek, het meteen de voorpagina’s haalde.

In linkse kringen, waar Van der Lubbe nog steeds met respect wordt genoemd, geldt de mening dat hij boog voor al het onrecht dat hem werd aangedaan. Vermoord voor een brand, waar toentertijd maximaal vijftien jaar cel voor kon worden gegeven. Een linkse biografie beweert dat de guillotine die hem in januari 1934 onthoofdde, ook zijn kin eraf sloeg. „Omdat hij zelfs onder het hakmes zijn hoofd gebogen hield.”

Zijn einde is tekenend voor de tragische levensloop van Marinus van der Lubbe. Hij kwam uit een gezin van zeven kinderen, waarvan zijn alcoholistische werkloze vader al snel vertrokken was, en de zieke, hardwerkende, ploeterende moeder overleed toen ”Rinus” twaalf was. Fysiek stond hij zijn mannetje, en al snel belandde hij in de bouw, waar hij door zijn omvang en kracht respect verwierf. Hij droomde ervan ooit 5000 gulden te winnen, de prijs die stond op het overzwemmen van het Kanaal naar Engeland, zo staat te lezen in zijn dagboek.

Toen hij bij een werkongeluk kalk in zijn ogen kreeg en voor een groot deel blind raakte, werd Van der Lubbe afgekeurd. Hij sloot zich na wat omzwervingen aan bij een groep werkloze communisten, die Europa rondtrok en in Duitsland belandde. Ze leefden van kleine klusjes en bedelarij. Eenmaal in Berlijn aangekomen, was hij geschokt door de angst en apathie van de communisten in Berlijn. Hij zou in een opwelling een daad hebben willen stellen om iedereen wakker te schudden, als aanzet voor een volksopstand.

Hoewel goeddeels vaststaat dat Van der Lubbe gedeelten van de Rijksdag in brand heeft gestoken, bestaan over de toedracht van de totale brand grote onduidelijkheden. Vanaf het eerste uur claimden zowel fascisten als communisten zijn daad om er hun winst mee te doen. Nazileider Göring was gelijktijdig met de brandweer aanwezig, om de brand meteen tot een communistische terroristendaad uit te roepen.

Voor Hitler kwam de brand als een regelrecht geschenk. Dezelfde dag nog werden vele communisten opgepakt. Vervolgens kwam het hem goed uit dat juist het parlement nu buiten werking stond. Vanaf 1934 had het parlement feitelijk niets meer te vertellen, waarna de vergaderingen in 1942 gestaakt zijn.

Communisten hebben tot in de Koude Oorlog geprobeerd te bewijzen dat fascisten, die zich als communistische vrienden voordeden, Van der Lubbe erin luisden. Hun theorie wordt gesteund door de Duitse generaal Halder, die tijdens de Neurenbergprocessen onder ede verklaard Göring op een verjaardagspartij van Hitler te hebben horen opscheppen over zijn rol bij de brand.

En hoe anders dan met hulp kan één man zo’n enorm gebouw ’s avonds binnendringen, en het al om tien over negen in lichterlaaie krijgen? Dat er extra chemicaliën zijn gebruikt, lijkt aannemelijk. Fascisten claimden dat het communistische helpers waren van Van der Lubbe, die dat op hun geweten hadden. Wie hem ook hielp: feit is dat suppoosten Van der Lubbe ergens die avond met ontbloot bovenlijf en lucifers aantroffen in een van de zalen van het grote gebouw.

De ideologische strijd die ontketend werd heeft Van der Lubbe naar verluidt altijd verdriet gedaan. Zeker toen bleek dat zijn actie, die de fascistische machthebbers van die tijd omver moest werpen, hen juist verder in het zadel hielp. Het bleek de eerste stap naar de totale nazidictatuur.

Dat blijft de tragiek van Van der Lubbes actie. Zijn actie boog de geschiedenis. Zoals sommigen zelfs beweren: zonder hem zou de Tweede Wereldoorlog niet in die vorm hebben plaatsgevonden.

Erin geluisd of niet: duidelijk was dat Van der Lubbe een werkloze communist was, zo bleek tot op de laatste dag. Van hem is later een gedicht bekend geworden, dat hij een dag voor zijn executie op een briefkaart schreef, en naar zijn familie stuurde. Het gedicht ”O arbeid”, sluit af met de woorden. ”Arbeid alleen kost al dit leven,/ Leven is dus arbeid alléén.”

Het is niet de enige poëzie die rond zijn dood wordt gemaakt. Dichter/schrijver Willem Elsschot maakte er in Antwerpen een bijtend gedicht op, dat hij aan Simon Vestdijk stuurde. ”Veertig haarden dorst je onsteken,/ duizend haarden zou men wreken,/ maar je beulen stonden paf/ toen je zweeg tot in je graf.”

Het gedicht sluit af met de wens: ”Moog je geest in Leipzig spoken/ tot die gruwel wordt gewroken,/ tot je beulen, groot en klein,/ door den Rus vernietigd zijn.” De vernietiging van het vonnis was op 6 december 2007 een feit, zoals gisteren pas bekend werd. En daarmee gaat Elsschots wens tot rehabilitatie ook in vervulling.
bron: www.reformatorischdagblad.nl

Gepost op

Eredoctor Schelvis buitenbeentje in de wetenschap

Het diepgravende bronnenwerk van Schelvis maakte van ”Vernietigingskamp Sobibor” (1993) de eerste volwaardige publicatie over dit kamp, prijst de universiteit. Het knappe van de publicatie is dat deze zich kenmerkt door een wetenschappelijk-afstandelijke toonzetting, hoewel persoonlijke inspiratie niet wordt ontkend.

Schelvis ging na zijn pensionering als hoofd personeelszaken bij dagblad Het Vrije Volk schrijven. Een deel van zijn werk is autobiografisch en voor een breed publiek. Sobibor in Polen, niet ver van de grens met Oekraïne, kan gelden als een van de meest vernietigende van alle kampen. Over dit kamp, waar onder de vele slachtoffers zich bijna 35.000 uit Nederland aangevoerde Joden bevonden, is echter weinig gepubliceerd.

Schelvis (1921) werd tijdens de grote razzia van 26 mei 1943 in Amsterdam met zijn vrouw en schoonfamilie opgepakt en via Westerbork naar Sobibor gedeporteerd. Zijn vrouw en schoonfamilie werden daar diezelfde dag nog vermoord. Schelvis slaagde erin aansluiting te vinden bij een groep die werd doorgestuurd naar een werkkamp. Dat redde zijn leven. Na een zwerftocht langs verscheidene kampen keerde hij na de nederlaag van nazi-Duitsland terug naar Amsterdam. Daar bouwde hij een nieuw bestaan op.

Lang probeerde hij, zoals hij zelf zegt, de oorlog „van zich af te schudden.” Maar de laatste tientallen jaren stelt Schelvis zich juist ten doel de herinnering aan de verschrikkingen in Sobibor levend te houden. Zijn werk is ook in Duitsland en Polen uitgegeven.

In Duitsland trad hij op als burgeraanklager tegen kampbeulen. Verder hield hij lezingen, de laatste jaren vooral voor de Duitse jeugd. Ook treedt hij op als gids in de vroegere kampen. Zijn Sobiborarchief is ondergebracht bij het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD).
bron: www.reformatorischdagblad.nl