Gepost op

Tentoonstelling Rotterdam: Varen in oorlogstijd

De tentoonstelling Varen in oorlogstijd, rond de wereld en in Indië vertelt het verhaal van een jonge Rotterdammer, die de Tweede Wereldoorlog voornamelijk op zee beleefde.

Aan het begin van de oorlog was hij ver van Europa vandaan met het Amerikaanse zeilschip de Yankee mee op wereldreis.
Later voer hij op de Nederlandse koopvaardijschepen Kota Gede, Weltevreden en Garoet, in dienst van de geallieerden.
Hij was ooggetuige van de Japanse inval in Indië en van de ontruiming in februari 1942 van de haven van Tjilatjap.
In 1944 is hij omgekomen, toen de Garoet in de Indische Oceaan door een Duitse duikboot werd getorpedeerd.

Het verhaal van Jop Dutilh richt de aandacht op de lotgevallen van individuele mensen in oorlogstijd. De tentoonstelling geeft impressies van de gebeurtenissen in de Pacific en in het voormalig Nederlands Indië, vlak voor en tijdens de Japanse bezetting.

Deze expositie is mede gebaseerd op het in september 2006 te verschijnen boek over Jop Dutilh: Varen rond de wereld in Oorlogstijd, door F. Luidinga. Onder meer worden foto’s, films en curiosa getoond, die door Jop Dutilh zelf zijn gemaakt en verzameld.

OorlogsVerzetsMuseum Rotterdam Veerlaan 82-92,  3072 ZZ Rotterdam
telefoon 010-484 89 31 www.ovmrotterdam.nl
openingstijden dinsdag t/m vrijdag 10 – 16 uur, zondag 12 tot 16 uur

Met de metro naar station Rijnhaven, overstappen op bus 77 richting Katendrecht, uitstappen halte Rechthuislaan. Per auto volg havennummer 1283
Gepost op

Ontmanteling bom Purmerend begonnen

Een gebied van 500 meter rond het explosief is afgezet met hekken. In het gebied geldt een noodverordening, wat inhoudt dat er niemand in of uit mag.
Bewakingscamera’s, 175 agenten en een helikopter zijn ingezet voor de beveiliging van het verlaten gebied.
Het luchtruim boven het bomgebied is afgesloten en het treinverkeer langs station Purmerend Overwhere ligt stil.

Enkele tientallen mensen hebben besloten in het gebied achter te blijven.
,,Dat is volledig op eigen risico”, meldt een woordvoerder van de gemeente Purmerend. ,,Als er iets met die mensen gebeurt, kan het zijn dat we uit veiligheidsoverwegingen geen hulpdiensten binnen het afgezette gebied toelaten. Dan gaat de veiligheid van de hulpverleners boven die van de bewoners die er bewust voor kozen hun woning niet te verlaten.”

Bij de ontmanteling wordt de ontsteking van de bom met behulp van een raketklem, een soort bankschroef met twee kleine raketjes, verwijderd. Ook worden de gevoelige explosieve onderdelen van de bom vernietigd. De ontsteking wordt op afstand uitgedraaid om ook de bomexperts te beschermen.

De bom is ongeveer 160 centimeter lang en bevat vermoedelijk ruim tweehonderd kilo springstof.
Hij is in 1941 door een Engelse piloot boven Purmerend gedropt, maar ontplofte destijds niet.
Bij een eventuele explosie kan tot op 35 meter forse schade aan gebouwen worden toegebracht.
bron: www.brabantsdagblad.nl

Gepost op

Rembrandt als propagandamiddel tijdens de oorlog

,,De nationaal-socialisten vereerden Rembrandt als een Germaanse held omdat hij zijn eigen gang ging en in conflict kwam met regenten”, aldus Liesbeth van der Horst van het Verzetsmuseum in Amsterdam woensdag.

Het museum heeft het themajaar Rembrandt 400 aangegrepen om op eigen wijze de rol van de schilder tijdens de oorlog te belichten.
De minitentoonstelling ‘Rembrandt in de propaganda 1940-1945’ in de entreehal van het Verzetsmuseum, vanaf vrijdag te zien voor het publiek, toont boeken, brieven, pamfletten, foto’s en films van de nationaal-socialisten die de schilder neerzetten als nieuw nationaal symbool.

bron: www.brabantsdagblad.nl

Gepost op

Purmerend maakt zich op voor ontmanteling bom

Voor dat tijdstip moeten de 3700 omwonenden het gebied hebben verlaten. In een straal van 500 meter rond de Wherebom, zo genoemd omdat hij gevonden is nabij de oever van De Where, waren de bewoners zaterdagochtend bijna allemaal al vertrokken. Zaterdagmiddag rond 16.00 uur wordt het gebied afgesloten met 1250 hekken. Daarna controleert de politie of iedereen het gebied daadwerkelijk heeft verlaten.
Bewoners moeten voor een nacht en een dag elders onderdak vinden. Sommigen gaan op vakantie, anderen naar familie of vrienden, de camping of worden opgevangen in een zorghotel in Alkmaar. Een deel van de huisdieren in het gebied wordt opgevangen in een asiel. Woonboten uit het gebied zijn naar een andere locatie versleept.

De ontmanteling van de bom is het gesprek van de dag in Purmerend.
Dagblad Waterland kwam zelfs met een ‘bommenspecial’ en een kleurwedstrijd voor kinderen. De winkels in het gebied moesten andere afspraken maken met leveranciers over de bevoorrading.

De verwachting is dat de ontmanteling van de bom zondagochtend wordt afgerond. Daarna wordt de bom onder politiecontrole naar Den Helder vervoerd, waarna het projectiel op zee tot ontploffing wordt gebracht.

bron: www.brabantsdagblad.nl

Gepost op

De tijd in Indiƫ had ik niet willen missen

De afgelopen tien jaar heeft ze als veteraan elke keer meegelopen in het defil? in Wageningen. Bij begrafenissen van leden van het Koninklijk Huis stond zij steevast langs de route. En morgen is Francine Cools-Van Straten uit Uden opnieuw van de partij in Den Haag tijdens de Nederlandse Veteranendag. Ze is 83 jaar oud en nog erg vitaal. Pas vorig jaar is ze gestopt met linedance. Om haar eigen woorden te gebruiken: „Ik mankeer nog niets.“

Zestig jaar geleden, op 23-jarige leeftijd werd ze als vrijwilligster bij de kort daarvoor opgerichte Marine Vrouwenafdeling (Marva) naar het oorlogsgebied in Indië uitgezonden. Ze had zichzelf daarvoor opgegeven en ze begrijpt nog niet ’dat haar moeder haar heeft laten gaan’. „Ik was 17 toen de oorlog uitbrak en 22 toen die voorbij was. Uitgaan was er in die tijd niet bij. We hadden in Amsterdam de hongerwinter meegemaakt. Ik wilde er wel eens uit en had genoeg van Nederland.“

Vier dagen
Met een viermotorig KLM-vliegtuig dat er met tussenlandingen in Rome, Caïro, Basra, Karachi, Calcutta en Singapore vier dagen over deed om van Amsterdam in Batavia te komen vloog ze naar Indië. Daar maakte Francine Cools-Van Straten de eerste politionele actie mee, een mooi woord voor oorlog om in Nederlands-Indië orde, rust en het gezag van de Nederlandse regering te herstellen. De ongeveer 175 Nederlandse vrouwen op de totale Nederlandse troepenmacht van ongeveer 100.000 man waren gehuisvest in Batavia en Soerabaja.
Francine: „Veel vrouwen zaten bij de verbindingsdienst, in een administratieve functie, als telefoniste, telexiste, bij het marinepostkantoor of ze werkten als tandarts- of doktersassistente. We sliepen met zijn zessen op een kamer in het Marvahuis in Batavia. De onderlinge band was heel sterk. Je kon niet terugvallen op familieleden of kennissen. We hoefden niet zoals de jongens te vechten maar zaten wel in gevaarlijk gebied. Maar terugkijkend zeg ik dat ik daar de tijd van mijn leven heb gehad. Ik ben er volwassen geworden. In Indië besefte ik dat er meer in de wereld is.“

Als secretaresse van de stafofficier codedienst moest de Marva 1e klas Fransje van Straten onder meer schuilnamen verzinnen voor schepen en havens. „Het Indonesische republikeinse leger TNI luisterde de telefoon af. Ze mochten niet weten welk schip in welke haven binnen was.“ Hoewel er sprake was van een oorlogssituatie was het in Batavia betrekkelijk veilig. Bij de politionele acties in Indië zijn ruim 6000 Nederlandse militairen gesneuveld. „Je werd iedere keer met de gevaren geconfronteerd. Ik kreeg op een gegeven moment ook bericht dat een jongen die me wel eens opzocht om koffie te drinken was gesneuveld.“

De Marva’s mochten niet zomaar ergens naar toe, „maar we hebben toch veel gezien“, vertelt de Indië-veterane. „Natuurlijk waren er ook contacten met de jongens die vochten. Die vonden het heerlijk om een keer met een Hollands meisje te praten. Er waren ook ontspanningsavonden. De jongens wilden dan dansen maar onze commandant zei altijd: ik kan geen tien meisjes verdelen over 300 jongens.“

Heimwee naar Indië
Na tweeëneenhalf jaar kwam voor Marva Fransje van Straten een einde aan het verblijf in Indië. Met het passagiersschip de Willem Ruys voer ze terug naar Nederland. „Heimwee naar Holland had ik niet, eerder heimwee naar Indië. Bij Hoek van Holland dacht ik: ik ga de boot niet af.“
Terug in Nederland had ze er geen zin meer in ’om voor alle gouden strepen’ van hoger geplaatsten bij de krijgsmacht in de houding te staan. Ze zwaaide af bij de Marva, was restaurantcassière bij chique Amsterdamse hotels en belandde 35 jaar geleden met haar inmiddels overleden man die wijnadviseur was in Brabant.
Ze is nooit meer terug geweest in Indonesië. Francine Cools- Van Stralen: „Je vindt toch niet meer terug zoals het was. Batavia ken ik nog als een villadorp, een beetje vergelijkbaar met Bussum of Hilversum. Nu is Djakarta (het vroegere Batavia) uitgegroeid tot een wereldstad. Maar de band met de vijf andere Marva’s die met me naar Indië gingen is nog heel hecht, al zijn ze niet allemaal zo gezond meer.“

De feiten
Op het Malieveld in Den Haag en andere delen van de Haagse binnenstad wordt morgen voor de tweede maal een manifestatie gehouden in het kader van de Nederlandse Veteranendag.
Ruim drieduizend veteranen en actief dienende militairen nemen deel aan een defil?. Tijdens het defil? vliegen talloze vliegtuigen over de Hofvijver.
Veteranen en schoolkinderen reiken medailles uit aan net van missies in het buitenland teruggekeerde militairen. Het motto van de Veteranendag is dit jaar ’Praat eens met een veteraan’.
De Veteranendag is een eerbetoon aan Nederlandse militairen die vanaf de Tweede Wereldoorlog of daarna in het voormalige Nederlands-Indië, Korea of Nieuw-Guinea zijn ingezet in oorlogssituaties of bij vredesmissies (zoals Libanon, Cambodja, Bosnië, Afghanistan en Irak).
Ook vaarplichtig koopvaardijpersoneel uit de Tweede Wereldoorlog wordt tot de veteranen gerekend. Nederland telt 140.000 veteranen, jong en oud. De groep jonge veteranen (nu 50.000) groeit snel.
Voor zorg- en hulpverlening kunnen veteranen terecht bij het Veteraneninstituut. Soms leidt een militaire uitzending pas jaren later tot psychische en lichamelijke klachten en sociale problemen.

bron: www.brabantsdagblad.nl

Gepost op

Britse kadetten terug op oorlogspad

Bruchem
Het staat er echt, in koeienletters nog wel: Wir glauben noch in Adolf Hitler, an Deutschen Sieg. De tastbare herinnering is in witte letters gekalkt op een huis tussen Bruchem en Kerkwijk. Overblijfsel van de nadagen van de oorlog toen het Duitse moreel aan het Maasfront versterkt moest worden. De tekst is bewust niet overgeschilderd, opdat niemand zal vergeten…

Het huis staat langs de oude vluchtroute van de geallieerden. De Pegasus Escape-line is de afgelopen dagen bewandeld door 36 jongeren van de Northumbria Army Cadett Force. De jongeren tussen de 13 en 18 jaar zijn begonnen in Arnhem. Zaterdag liepen ze de escape-line in de Bommelerwaard. Gisteren zijn ze vertrokken na een bezoek aan het Linecrossers monument in Hank.

Menigeen is op pad gestuurd met naam van een ver familielid, gesneuveld bij de slag om Arnhem. Behoorlijk wat kinderen hebben het familielid gevonden op het oorlogskerkhof in Oosterbeek. Callum Gincell (14) uit Newcastle is een beetje trots dat een oom van zijn vader George Mc Carthey, zijn leven heeft gegeven in de beroemde slag. George is niet ouder dan 21 jaar geworden.

Acht meisjes
Callum zal hem niet vergeten.
Lucy Barrat (14) is een van de acht meisjes in het jongensgezelschap. Haar broer en haar vader zitten in het leger en ook zij denkt dezelfde weg te gaan.
De Britse kadetten maken in de weekeinden vrijwillig kennis met het leger. Zestig procent kiest uiteindelijk voor een militair beroepsleven. Lucy weet niet of familie is omgekomen in de oorlog. Zestig jaar is voor haar erg lang geleden. Voor haar is de wandeling vooral een eerste kennismaking met Nederland en een weekje vrij van school.

Opdat wij niet vergeten…
Michael Weightman (25) verwoordt het op zijn manier: „Hier zijn zoveel jongens gesneuveld die jonger waren dan ik.“
Hij probeert zich in te leven wat het betekende om in 1944-1945 over de smalle dijken te vluchten, weg te duiken in de bloeiende berm, bang te zijn in een omgeving die
anno 2006 zo vredig oogt.
Dat past precies in het streven van de WW2 Escape Lines Memorial Society: de herinnering levend houden.

Wandeltochten
Deze organisatie houdt wandeltochten over de vluchtroutes in de door de nazi’s bezette landen. Eerder zijn in Frankrijk, Italie en op Kreta tochten gehouden. Dit was de eerste keer in Nederland.
Volgend jaar hoopt de organisatie op honderd jonge deelnemers uit alle windstreken om de Freedom Trail Holland te lopen.

Opdat ook zij niet vergeten.

bron: www.brabantsdagblad.nl

Gepost op

Oorlogsresten gaan uit de beken van Oosterbeek

Het waterschap Vallei en Eem, beheerder van de beken en opdrachtgever voor het onderzoek, wil de Dunobeek, de Oorsprongbeek, de Spreng op de Hemelse Berg en de Gielenbeek in oude staat herstellen en de stroming terugbrengen. Daarvoor is het nodig de grondwaterbeken drastisch schoon te maken en de zogenoemde sprengenkoppen, de bronnen, vrij te leggen.

In de omgeving van Arnhem is in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Slag om Arnhem zwaar gevochten. Daarom is volgens de gemeente Renkum, waar Oosterbeek toe behoort, wel bekend dat bij vrijwel elke graafactiviteit in de regio oorlogsmunitie wordt gevonden.

Maar Het Geldersch Landschap vond vorig jaar bij het schoonmaken van de slotgracht rondom Kasteel Doorwerth vlakbij Oosterbeek extreem veel oorlogsmunitie. Waarschijnlijk was de onontplofte munitie gedeeltelijk ook expres in het water gedumpt na de oorlog. Daarop besloot het schap de vier beken eerst te laten onderzoeken.

Gebleken is dat in de beken ruim 8000 metalen voorwerpen liggen. Zeker 20 procent daarvan is explosief. Het ruimingsbedrijf denkt vijf tot zes weken nodig te hebben om alles op te ruimen. Het gebied rondom de plek waar de schoonmakers werken wordt telkens tot op vijftig meter afstand afgezet. Ook de Oosterbeekse hoofdstraten gaan af en toe dicht. Het waterschap hoopt dat de beken tegen de zomer van 2007 weer helemaal schoon zijn.

bron: www.brabantsdagblad.nl