Gepost op

Helper Marga Minco krijgt onderscheiding Israël

Fimkje Kooi geboren te Suwâld, zo staat te lezen op het door Postuma vervalste persoonsbewijs van Minco. Postuma gebruikte zijn positie bij de afdeling Bevolking om mensen die door de Duitse bezetter werden gezocht een andere identiteit te geven. Dat deed hij door overleden inwoners van de gemeente Tytsjerksteradiel ’tot leven te wekken’. Gezochte mensen konden zo de identiteit van overleden personen overnemen.

Minco is onder meer bekend van het boek Het bittere kruid. Zij droeg Postuma voor bij het Yad Vashem–instituut. De oud–verzetsman: „Mijn vader was sociaal–democraat en mijn moeder gelovig. Als ambtenaar ben je er voor de mensen. Tegen die achtergrond ben ik in het verzetswerk gerold", aldus Postuma.
 
In 1944 werd Postuma als Sierd de Bruin opgepakt door de Duitse bezetter. Die valse identiteit en inspanningen van onder anderen politiemensen brachten hem na een paar dagen weer op vrije voeten.
 
Yad Vashem in Jeruzalem is het instituut ter nagedachtenis van de zes miljoen joodse slachtoffers van de holocaust. Namens het joodse volk eert Yad Vashem niet–joodse mensen die vaak met gevaar voor eigen leven tijdens de oorlog joden hebben gered of hebben trachten te redden.
 
Postuma krijgt op 17 maart de onderscheiding uitgereikt in het gemeentehuis in Uden. Minco zal daarbij aanwezig zijn.

Gepost op

Familie in Vlierden wil eigen kerkhof met zestien graven

In de Tweede Wereldoorlog zijn op die plek drie familieleden overleden toen ze op een landmijn stapten. Swinkels wil daar de mogelijkheid krijgen in besloten kring familieleden te begraven.

Een kruis markeert sinds 1944 de plaats aan de Hazeldonkseweg, waar het familiedrama zich afspeelde. Swinkels wil daar nu zestien dubbele graven, dus in totaal 32 plaatsen, maken.

 

Gepost op

Marokkaans respect op 4 mei

AMSTERDAM – "We zijn erg geschrokken van wat er vorig jaar is gebeurd”, zegt de Marokkaanse Nadia Mabrouk over de verstoringen van de dodenherdenking in 2003. Reden voor haar om in actie te komen. Mabrouk coördineert dit jaar de vele bijdragen van allochtonen tijdens het programma van de dodenherdenking in het Amsterdamse stadsdeel de Baarsjes. Daar scandeerden Marokkaanse jongeren vorig jaar ‘joden moeten we doden’ en een paar blokken verderop zou na afloop van de plechtigheid door een groepje jongens van dezelfde afkomst met kransen en bloemstukken gevoetbald zijn. "Die verstoringen waren voor overheden en organisaties een reden om meer aandacht te besteden aan wat er tijdens de oorlog is gebeurd. Want vaak zorgt onwetendheid ervoor dat jongeren geen respect hebben voor gevoeligheden.”

Geschiedenisles
Om die onwetendheid weg te nemen, speelde de Tweede Wereldoorlog de afgelopen weken een hoofdrol tijdens de geschiedenislessen op scholen in Amsterdam-West. In jongerencentra werden films vertoond over de betrokkenheid van allochtonen bij de Tweede Wereldoorlog, er werden discussiebijeenkomsten georganiseerd en een bus vol Marokkanen reisde af naar het Zeeuwse Kapelle Bieselingen waar negentien graven herinneren aan de gevechten die Marokkaanse strijdkrachten hebben geleverd tegen de Duitse bezetter.

Voorlichting is volgens ‘ras-Amsterdammer’ Enrico Bartens erg belangrijk bij het betrekken van Marokkanen bij het herdenken van de Tweede Wereldoorlog. Hij bracht het boekje Mo ’40-’45 uit. Daarin staat dat het voor Marokkanenbelangrijk is om te herdenken, omdat ook hun voorvaderen een felle strijd hebben geleverd tegen de Duitsers. Hij heeft op die manier tientallen Marokkaanse jongeren gemobiliseerd om vanavond met de stille tocht mee te lopen en op de Dam kransen te leggen.

Zou respect voor miljoenen slachtoffers niet vanzelfsprekend moeten zijn? "Ja tuurlijk!”, zegt Bartens. "Maar de strijd in Palestina wordt er toch steeds weer bijgehaald. Ik probeer dat er niet bij ze uit te halen. Het gaat mij erom ze bewust te maken van wat er precies is gebeurd, ook met de Marokkaanse geallieerden. Laatst zei een Marokkaanse gozer: ‘Fuck man, ik kan ergens trots op zijn!’ D?t vind ik belangrijk.”

Het is volgens Mabrouk echter niet voor het eerst dat de Marokkaanse gemeenschap een rol speelt tijdens de dodenherdenking. Maar vanavond wordt daar in heel Amsterdam echter nog meer de nadruk op gelegd. De Unie van Marokkaanse Moskeeën Amsterdam en Omstreken heeft bijvoorbeeld alle moskeebesturen en imams in de hoofdstad opgeroepen dit jaar hun deuren te openen voor niet-moslims en gevraagd hun preken te wijden aan de thema’s vrijheid en vrede. De moskeeën hebben daar volgens de unie enthousiast op gereageerd.

Grote rol
Ook tijdens de herdenkingsplechtigheden spelen (jonge) Marokkanen op eigen initiatief een grote rol. Zo lezen ze de namen voor van Marokkaanse piloten die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn gesneuveld, houden ze toespraken en leggen ze kransen.

Het Nationaal Comit? 4 en 5 mei is blij met de betrokkenheid van de Marokkaanse gemeenschap bij de dodenherdenking. "Het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie heeft vorige week een prachtig verslag geschreven over de rol van Marokkannen, Antillianen, Surinamers en Turken in de Tweede Wereldoorlog. Voor hen geldt simpelweg dat ze ook kunnen herdenken”, zegt woordvoerder Onno Kronenburg. "Bovendien kan de Marokkaanse gemeenschap nu laten zien dat ze wel respect hebben voor de oorlogsslachtoffers.”

Volgens Nadia Mabrouk is het niet zo dat Marokkanen zichzelf hiermee alleen maar in een beter daglicht willen stellen. Het gaat volgens haar om het herdenken van alle slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog ?n het tonen van respect voor universele waarden zoals vrede, vrijheid en democratie. "Maar misschien dat autochtone Nederlanders nu wel inzien dat die Marokkanen best meevallen.”

Verschenen in SP!TS op dinsdag 04 mei 2004.

Bron: Sp!ts

Gepost op

Bommen geruimd bij vliegveld

Beide bommen, ??n van 500 en ??n van 1000 pond, zaten zes meter diep in de grond en dateren uit de Tweede Wereldoorlog. "Die zijn tijdens een bombardement in aanloop op het vliegveld gevallen", aldus adjudant R. van Pelt van de EOD. Op het vliegveld zelf zijn volgens hem sinds 1945 al zo’n vierhonderd van dergelijke bommen geruimd.

Bewoners van zeven woningen in buurt van de vindplaatsen, moesten tijdens het ruimen het gebied verlaten. Verkeer werd omgeleid. Zaterdagmiddag werd het terrein weer vrijgegeven. In de loop van de week worden alle containers, die ter bescherming rond de vindplaatsen stonden, verwijderd. De EOD verrichtte de ruiming in opdracht van de gemeente Tilburg. De Duitse bommen lagen namelijk in het gebied waar de Burgemeester Letschertweg, de westelijke rondweg van Tilburg is gepland.

Risico
Om 10 uur startte de EOD met het ruimen van de meest risicovolle 500-pondsbom. Van Pelt: "Daarin zit een soort valstrik, die in werking kan worden gesteld bij het uitdraaien van de ontsteking." Het onschadelijk maken gebeurde daarom op afstand en werd met de camera gefilmd. "Om er achteraf zeker van te zijn dat we geen ontsteker of raketklem meer zien zitten, waardoor de bom nog kan afgaan", aldus Van Pelt. De ontsteking van de 1000-ponder werd wel van nabij losgemaakt. De vliegtuigbommen op hun vindplaats tot ontploffing brengen zou volgens Van Pelt een te grote schade aan alle kabels en leidingen in de grond betekenen. Beide explosieven worden daarom afgevoerd naar Den Helder. Van Pelt: "De marine neemt ze mee de zee op. Ze laten ze op een pallet dertig meter diep het water in zakken. Van een afstand brengen ze de bommen tot ontploffing."

-De twee bommen die zaterdag onschadelijk zijn gemaakt lagen nabij de Prinsenhoef (500 pond) en de Langenbergseweg (1000 pond).
-Tijdens de ruiming zijn denkbeeldige veiligheidscirkels (600 meter bij de 1000 pond en 400 meter bij de 500 pond) getrokken. Bewoners moesten daaruit weg, ook mocht er geen vee in de weilanden staan.
-Eigenlijk zouden de bommen al in januari worden geruimd. De actie werd uitgesteld omdat in de nabijheid van de vindplaatsen een veehouder veel vee op stal had staan. Dat vee kon toen nog niet in weilanden elders worden gezet.
-In 2000 werden voor het laatst bommen geruimd in Tilburg. Het ging destijds om negen 100-pondsbommen die in de grond zaten op een uitbreidingslocatie van stadsdeel Reeshof.

 

Gepost op

Angst, onverschilligheid en ?blanco spaties?

Ik ben een kind van de Enola Gay. Ik ben een kind van de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki die begin augustus 1945 een abrupt einde maakten aan de Tweede Wereldoorlog. Mijn moeder zat op dat moment in een Japans interneringskamp, mijn vader werkte als krijgsgevangene in Malakka. Jaren later kwam ik erachter dat beiden op dat moment, menselijkerwijs gesproken, nog hooguit enkele weken te leven hadden. In Hiroshima en Nagasaki vielen ongeveer tweehonderdduizend slachtoffers, vooral vrouwen en kinderen. Volgens sommigen ben ik het kind van een oorlogsmisdaad, en ik geef ze geen ongelijk. Maar zonder die oorlogsmisdaad zou ik nu niet voor u staan. Alle moraal zakt hier weg in een onpeilbaar gat. Waarom zijn wij hier bijeen, iedere vierde mei opnieuw? Om onze Nederlandse doden en geliefden te herdenken, maar ook om onze harten te laten uitgaan naar al die anderen die omkwamen, aan de stranden van Normandië en Walcheren, in de straten van Oosterbeek en Berlijn, bij het beleg van Leningrad, in de Javazee en op de konvooiroutes naar Moermansk, in de kampen van Belzec en Sachsenhausen, in de bergen van Birma en Italië, in de gevangenissen van Berlijn, Rome en Scheveningen. We gedenken ze allemaal samen, en zo moet het ook, want het ging niet enkel om Nederland in die jaren, het was een Europese oorlog, een wereldoorlog, een fundamentele strijd om moraliteit, om

recht, democratie en menselijke waardigheid, om alles wat onze huidige samenleving samenbindt – of zou moeten binden. Onze familiegeschiedenissen, onze historische ervaringen, ze mogen van land tot land diep verschillen, maar ??n ding hebben wij, Europeanen, allemaal gemeen: wij weten dat de historie geen brave bioscoopfilm is, dat geschiedenisverhalen meestal wreed, oneerlijk en onmenselijk zijn, dat ze zelden goed aflopen, en dat de ware helden vergeten worden. En we weten – of, beter gezegd, we kunnen weten – dat vrede broos is, en kostbaar, en allerminst vanzelfsprekend, en dat in de Europese geschiedenis uiteindelijk alles met alles samenhangt: inderdaad, Berlijn valt niet te begrijpen zonder Versailles, Parijs niet zonder Verdun, Praag niet zonder München, Warschau niet zonder Moskou, Amsterdam niet zonder Bergen-Belsen en Omaha Beach.

Idealen en passie

Verzet is nooit een vanzelfsprekendheid. Het is een pijnlijke vorm van dwarsliggen, die door je omgeving meestal niet in dank wordt afgenomen. Het duurt lang voordat het woord ‘illegaliteit’ een heldenstatus krijgt. Als je kijkt naar de leeftijden van de partizanen die zich in Warschau doodvochten, de jongens en meisjes in de Franse maquis, de koeriersters en de knokploegen van het Nederlandse verzet, dan schiet het telkens weer door je heen: wat waren de meesten eigenlijk jong, zeventien, twintig, met commandanten van vier-, vijfentwintig. Voor verzet heb je idealen nodig, en passie, en grootsheid. En tegelijk een diep geworteld gevoel van moraliteit. Veel mensen hebben moeten wennen aan het idee van verzet. Het waren brave burgers die er pas gaandeweg van overtuigd raakten dat hier alle grenzen werden overschreden. ‘Het algemeen verbreide besef dat je voor geweld niet wijkt maar je ertegen verzet is van nu, van achteraf, niet van toen,’ schreef Primo Levi, de grote Italiaanse chroniqueur van de concentratiekampen. En, laten we eerlijk zijn, bij velen is dat besef nooit gekomen. Ze keken niet, of ze keken weg. En ze weigerden de kwellende dialoog met zichzelf aan te gaan, omdat hun rust, hun loopbaan, en een ordelijk verloop der dingen voor hen zwaarder wogen. Ook het kwaad is een ingewikkelde zaak. Het bestaat lang niet altijd uit monsters en beulen. Het kan charmant en beschaafd zijn, stipt en ordelijk. Het kan voortvloeien uit wreedheid en rassenhaat, maar ook uit angst, onverschilligheid en cynisme, uit, inderdaad, ‘blanco spaties’.

Erger kan niet

Ik ben een kind van de Enola Gay, van het einde van iedere moraliteit. Tegelijk is mijn hele generatie bepaald door een immense opluchting, door nieuwe principes en prioriteiten: nu zou alles goed komen, nu zou alles anders worden. Die verwachting drukt nog altijd op onze schouders, en we moeten er het beste van zien te maken.

Nooit zal ik mijn vaders verhaal vergeten over een Birmese vrouw die hem en een paar andere uitgeputte krijgsgevangenen, ondanks het getier van de Japanse bewakers, rustig een kop thee en een stuk koek kwam brengen. Wees goed voor ontheemden en schlemielen, want morgen kun je het zelf zijn, dat leerde ik zo. En respecteer iedere oude Birmese vrouw, want zij kan degene geweest zijn die je vader redde. De oorlogservaringen van onze ouders hebben ons kracht gegeven, en inspiratie. Velen zijn zwaargewond uit de oorlog gekomen, geestelijk en lichamelijk, en niet zelden is het leven van hun kinderen mede daardoor bepaald. Tegelijkertijd is de oorlog ook de kiem geweest van een zeer zelfbewuste generatie. Mijn oudere broers en zussen lieten zich, na jaren bezetting en Jappenkamp, niets meer wijsmaken. ‘Erger dan dood kan toch niet,’ zeiden ze, en ze klommen in de hoogste bomen. Het overleven van een ramp maakt een ongekende levenskracht los, die hele families en hele continenten doortrekt, dat kan ik u uit eigen ervaring verzekeren. Maar luisteren we verder nog wel eens naar die stemmen van toen? Waar is onze gedroomde internationale broederschap? Waar is de Europese beweging, dat groots ingezette vredesproces, op uitgelopen? Wat heeft jullie generatie gedaan met de gerechtigheid en de vrijheid? Waarom hangen er wolken van cynisme rondom onze felbevochten democratie, overal in Europa? Waar is de passie? Waar het gevoel dat politiek ook groots kan zijn? Is het allemaal voor niets geweest, voorbije tijden, vergetelheid?

Bijeenrapen

Wij, kinderen van de oorlog, moeten op die vragen, in deze zeldzaam gecompliceerde tijd, antwoorden vinden, op onze eigen manier. Wij moeten onze moraliteit weer bijeenrapen zoals vorige generaties hun moed en verzet moesten oppakken en heruitvinden. Hun levenslot vertelt ons dat gerechtigheid en vrijheid nooit vanzelfsprekend zijn, nooit gemakkelijk, en nooit alleen ons, relatief veilig levende Nederlanders, toebehoren. Het vraagt, eist een permanente waakzaamheid jegens ‘blanco spaties’. Hun stemmen klinken zacht, steeds verder weg in de tijd, maar nooit zullen ze verstommen. En hun wil en hun geest zullen leven, bloeien.

Geert Mak is onder andere auteur van ‘De eeuw van mijn vader’ en ‘In Europa’

 

Bron: Brabants Dagblad
Feest, ‘omdat de Duitsers verloren hebben’
door Ren? van der Lee

Donderdag 6 mei 2004 – Idols-ster Hind vroeg gisteren op het Bevrijdingsfestival in Den Bosch aandacht voor onderdrukte vrouwen in Irak.

Drie weken geleden ontvluchtte de 17-jarige Sunil zijn geboorteland Nepal. Nu loopt hij, samen met twee jongens uit Afghanistan en Marokko, rond op een festival aan de voet van een eeuwenoude kathedraal in Den Bosch, Nederland. Waar hij met duizenden Nederlanders de vrijheid viert. "Vanwege het einde van de Tweede Wereldoorlog", weet Sunil. "En omdat de Duitsers verloren hebben", zegt hij in het Engels. Vrijheid, Sunil zou er een lief ding voor over hebben. Maar op de ama-campus in Vught wordt hem maar ??n boodschap voorgehouden: hij moet terug naar Nepal, ondanks de burgeroorlog die daar woedt. "Ik ben op zoek naar vrijheid, naar een leven zonder stress." De jonge asielzoekers hebben van de Vughtse campus vrij gekregen om samen met de Nederlanders Bevrijdingsdag te vieren. Den Bosch is ??n van de dertien steden waar het Nationaal Comit? 4 en 5 mei een Bevrijdingsfestival houdt. Om de vrijheid te vieren die we hier met elkaar delen, maar die elders in de wereld nog lang geen vanzelfsprekendheid is. De Idols-ster Hind is de grote publiekstrekker van het festival. Ze zingt mee in de exotische vrouwenband van Leoni Jansen, She Got Game. In een witte stretch-limo wordt Hind van het ene naar het andere festival gereden. "Dankjewel Roermond", zegt Hind, als ze aan de Parade haar eerste nummer heeft gezongen. "Sorry, Den Bosch natuurlijk. Ik heb het ook zo druk". Leoni Jansen en Hind vragen aandacht voor de vrouwen in Irak, die ook na de val van Saddam amper de straat op kunnen. Het publiek zwaait op verzoek met pamfletten vol Arabische teksten die vrijheid opeisen voor de Iraakse vrouwen. "Het is een fantastisch gezicht", roept Leoni Jansen, die belooft dat er foto’s en tv-opnamen naarde voorlopige regeringsraad in Bagdad worden gestuurd. Na afloop van het concert blijkt dat ook de vrijheid van Hind relatief is: slechts met hulp van twee bodyguards kan ze instappen in de limousine, die is omstuwd door een horde uitzinnige tienermeisjes.

 

Bron: Brabants Dagblad

Liever vrij op 5 mei dan op tweede pinksterdag

Donderdag 6 mei 2004 – Uit eerder onderzoek bleek dat veel Nederlanders Bevrijdingsdag graag als een vrije dag zien, maar uit de peiling van gisteren blijkt dat veel mensen toch ook waarde hechten aan een vrije tweede pinksterdag. „Zonder vrije dag kun je ook wel stilstaan bij de bevrijding“, schrijft Bart. Hij geeft de voorkeur aan een extra lang weekend boven een doordeweeks dagje vrij. Ook Willem Huisman uit Oss is blij met de vrije tweede pinksterdag: „Een lekker lang weekend, meestal in de mooie maand mei.“.

Maar Arno Schotmans vindt het ’hypocriet’ dat veel mensen zweren bij een vrije Pinksterdag, maar niet eens de betekenis van dit religieuze feest kennen. „Bovendien is 5 mei veel makkelijker te betrekken op alle mensen, ook moslims en atheïsten“.

Helma van Dijk vindt het ook belangrijk dat Nederland het einde van de Tweede Wereldoorlog blijft zien als een belangrijke dag. „Iedereen kan dan de vrijheid vieren. We vergeten wel eens dat dat niet voor iedereen vanzelfsprekend is en dat het ook voor ons anders had kunnen lopen. Daarbij: wie viert er nog Pinksteren?“

Alexander oppert een andere oplossing: zowel vrij op tweede pinksterdag als op 5 mei. „Nederland heeft toch al zo weinig feestdagen. Het is belachelijk dat ??n vrije dag een gevaar zou zijn voor de economie.“

Ook J. Thans uit Tilburg voelt nog het meest voor de optie van twee feestdagen. Ook de tweede pinksterdag moet blijven, want die hoort bij een christelijke traditie. „Net zoals tweede kerstdag en tweede paasdag. En als je het afschaft omdat bijna niemand nog weet waar Pinksteren voor staat, moet je ook de vrije zondag afschaffen, want dat is ook een christelijke traditie. “

 

Gepost op

Bevrijdingsdag uitbundiger gevierd

Premier Balkenende opende woensdag in de Martinikerk in Groningen Bevrijdingsdag 2004 met zijn toespraak over het thema Vrijheid is kiezen en delen. Volgens de premier is vrijheid voor Nederlanders tegenwoordig te vanzelfsprekend. „Wij zijn gewend aan onze vrijheid. Misschien daardoor voelen we de waarde ervan in ons eigen leven vaak niet meer zo sterk. We denken maar al te gemakkelijk dat ’anderen’ er wel voor zullen zorgen dat de vrijheid behouden blijft." Balkenende noemde kiesrecht en democratie als grootste vrijheden.
 
De minister–president ontstak vervolgens in het Groningse Stadspark het Bevrijdingsvuur. Wereldkampioen allround schaatsen Renate Groenewold bracht de vlam van Wageningen naar de stad Groningen.
 
In Wageningen maakte prins Bernhard een opmerkelijke keuze. Hij droeg bij het afnemen van het defil? van oorlogsveteranen uit protest een groene commandobaret. Bernhard wilde hiermee duidelijk de commando’s steunen die tegen de komst zijn van een groene baret voor de hele landmacht.
 
De organisatie maakte bekend dat de prins in 2005, zestig jaar na de capitulatie, voor het laatst aanwezig is bij het defil?. Aan de jaarlijkse parade deden ruim 4200 oorlogsveteranen mee. Hun aantal groeit elk jaar door onder meer de deelname van veteranen die zijn uitgezonden naar Libanon, Bosnië, Irak en Afghanistan. Behalve door Bernhard werden de Prinses Irene Brigade, de ’Indische jongens’, de Marva’s en alle andere onderdelen ook toegejuicht door duizenden toeschouwers.
 
Prins Bernhard was niet aanwezig bij de herdenkingsbijeenkomst in de Wageningse Johannes de Dooper–kerk voorafgaande het defil?. Pieter van Vollenhoven en zijn zoon Pieter–Christiaan namen de honeurs waar. Bernhard zag zijn kleinzoon even later wel meelopen in het defil? als reservist van de Koninklijke Marechaussee.
 
Op dertien plekken in Nederland werden bevrijdingsfestivals gehouden. Tasha’s World, De Vliegende Panters, She Got Game en Hind vlogen onder meer in een helikopter langs een aantal festivalterreinen. De Vliegende Panters vroeg, in samenwerking met Warchild, aandacht voor de gevolgen van oorlog en geweld voor kinderen. Tasha’s World richtte de aandacht op ontheemden, samen met Mensen in Nood. She Got Game en Hind riepen het publiek op om vrouwen in Irak te steunen voor gelijke rechten.
 
Engelse piloten vroegen in de buurt van Assen aandacht voor zeven gesneuvelde kameraden uit de Tweede Wereldoorlog, die op 20 oktober 1943 in de buurt van Assen neerstortten. Een viermotorige Lancaster PA 474 van de Royal Air Force (RAF) vloog woensdag over de plaats des onheils en bracht onder het toeziend oog van honderden belangstellenden een vliegende groet. De zus van een van de gesneuvelden onthulde een monument.
 
De nationale viering van de bevrijding werd woensdagavond afgesloten met het traditionele 5 mei–concert aan de Amstel in Amsterdam in aanwezigheid van koningin Beatrix. Het Radio Filharmonish Orkest speelde onder leiding van Edo de Waart onder meer muziek van Bernstein en Gershwin. Het droge weer zorgde voor veel belangstellenden langs de Amstel. Het concert eindigde met het gemeenschappelijk zingen van het lied ’We’ll meet again’ van de Britse zangeres Vera Lynn. Tijdens de samenzang voer koningin Beatrix weg op een boot.

Gepost op

Onthulling monument Oss imponeert

De onthulling van het monument, dat alle Osse gevallen militairen en verzetsstrijders vanaf 1940 herdenkt, verliep waardig en indrukwekkend. "Ik hoop dat velen hier stil zullen staan en nadenken", aldus Schrans die uitdrukkelijk alle betrokkenen bedankte voor hun medewerking. Burgemeester H. Klitsie sprak van een ‘unieke gedenkplaats die staat als een huis’. "Het monument besteedt ook aandacht aan de vraag waar?m mensen hun leven hebben gegeven. Wij weten het antwoord: voor vrijheid, verdraagzaamheid en vrede. Waarden waaraan we moeten blijven werken. Daarom is er ook speciale aandacht geweest voor jongeren bij dit initiatief."

Titus Brandsma
Na het hijsen van de Osse, Brabantse en Nederlandse vlag werden de namen van alle voor volk en vaderland gestorven militairen uit Oss vanaf 1940 voorgelezen. Dit onder het op het monument vereeuwigde motto ‘Alles is tevergeefs geweest als wij vergeten’.

Daarna werd stil gestaan bij pater Titus Brandsma, wiens afbeelding en motto ‘helden noemt men diegenen die iets trotseren’ een centrale plek op het monument hebben gekregen. Carmeliet G. Zeegers roemde de in 1942 door de Duitsers in Dachau vermoorde Brandsma als een inspirerend voorbeeld voor iedereen. "Hij stond als geen ander voor de gelijkheid van mensen." Daarna werd The Last Post ten gehore gebracht en werden er kransen gelegd bij het monument.

Voorzitster I. Gounou van de Osse jongerenraad kreeg ook het woord. Zij hoopt dat mensen iets leren van de waarden waar het monument voor staat. "De maatschappij wordt harder en brutaler. Dat komt omdat mensen niet meer open staan voor elkaar. Dat is triest. Als je niet voor iemand open staat, loop je een interessant mens mis die je leven had kunnen verrijken. Een betere wereld begint bij jezelf." Tenslotte droeg Schrans het monument over aan de gemeente Oss. "Ik hoop dat de gemeente de gedenkplaats maandelijks schoonmaakt." Klitsie reageerde daarop met een lach: "Wij zullen het goed schoon houden, maar niet elke maand."

De Feiten

-Samen met Jan Schuurmans nam oud-commando Leo Schrans vier jaar geleden het initiatief tot oprichting van een monument dat de gevallen militairen van Oss uit de Tweede Wereldoorlog en de oorlog in Nederlands-Indië herdenkt. Schrans stoorde zich in hoge mate aan het feit dat er nergens een gedenkplaats voor deze gesneuvelden was.
-Jongeren zijn nauw betrokken bij de realisatie van het door Ger van Iperen ontworpen monument. Op het gedenkteken staan vredesboodschappen van middelbare scholieren gebeiteld, variërend van ‘voer eendjes geen oorlog’ tot ‘vrede is het beste wapen’. Het metselwerk voor de gedenkplaats is tot stand gebracht als het finalewerkstuk voor de landelijke metsel- en voegwedstrijd.
-De onthulling van het monument werd zaterdag opgeluisterd en bijgewoond door tal van Osse organisaties, waaronder het Sint Sebastiaan gilde en stadsharmonie KVA.
-Elk jaar, op de dag van de bevrijding van Oss, op 17 september, staat er een herdenkingsplechtigheid op het programma bij het monument aan de Professor Regoutstraat. De reguliere dodenherdenking blijft op 4 mei bij het monument aan de Nieuwe Hescheweg.

Gepost op

Koudje velt oudste ‘inwoner’ Groot-Brittannië

Een Britse marinekapitein vond Timothy in 1854 aan boord van een Portugees schip en hij voer jarenlang mee op tal van andere marineschepen. In 1892 begon de schildpad op het Powederham Castle een leventje aan de wal. Het dier was een echte overlever. Tijdens Duitse bombardementen in de Tweede Wereldoorlog groef hij zijn eigen schuilkelder. Timothy krijgt in de rozentuin van het kasteel zijn laatste rustplaats.